Syndroom.info

AIDS

1. Overzicht Aids

Aids, ook bekend als verworden immunodeficiëntiesyndroom, is een syndroom veroorzaakt door het HIV-virus. Aids is een afkorting voor “acquired immune deficiency syndrome”.

Het HIV-virus legt na besmetting langzaam maar zeker het afweersysteem van de patiënt plat. Niet iedereen die besmet is met het HIV-virus heeft ook al aids.

Wat is aids dan wel?

Aids is pas het laatste stadium van de infectie, waarbij het aantal HIV-virussen snel toeneemt en er opportunistische infecties ontstaan.

2. De oorzaak van aids

Aids wordt veroorzaakt door een infectie met het HIV-virus. HIV staat voor Humaan Immunodeficiëntie Virus.

Het HIV-virus wordt overgedragen via seksueel contact en direct contact met het bloed. Het virus valt de zogenaamde CD4+ cellen aan van het immuunsysteem.

Deze cellen worden ook wel de T-helpercellen genoemd.

T-helpercellen kunnen worden gezien als de coördinators van het immuunsysteem tijdens een infectie. Ze leiden de afweer van het lichaam tijdens een ziekte in goede banen.

Het gevolg van een HIV-infectie is dat de afweer steeds zwakker wordt. De T-helpercellen verdwijnen door het virus, en dus kan de afweer niet meer goed gecoördineerd worden.

Aids zelf is op papier niet de directe doodsoorzaak bij mensen die overlijden aan aids. Wat is dan wel de doodsoorzaak?

Een zogenaamde opportunistische infectie.

Een opportunistische infectie is een infectie die alleen kan plaatsvinden wanneer het immuunsysteem is aangetast, of de gezondheid in het algemeen zwak is. Bij gezonde mensen krijgt de ziektemaker de kans niet om de persoon te infecteren.

Het immuunsysteem van een gezond persoon is te sterk voor de virussen of bacteriën, bij aids is het niet meer sterk genoeg.

Omdat mensen met aids een sterk verzwakt immuunsysteem hebben, krijgt de ziektemaker wel de kans (Engels: opportunity).

Oppertunistische infecties zijn dan ook duidelijke symptomen voor een zwak immuunsysteem en soms aids. Voorbeelden van zulke oppertunistische infecties zijn longinfecties, Candida- en andere schimmelinfecties, herpesinfecties, chronische diarree en acute necrotiserende ulceratieve gingivitis.

Eén van de meest ernstige gevolgen van oppertunistische infecties kan het ontstaan van kanker zijn. Het karposisarcoom is een vorm van kanker veroorzaakt door één van de herpesvirussen. Bij aids krijgt dit virus bijna helemaal vrij spel, wat kan leiden tot kanker.

Omdat het immuunsysteem bij aids zeer zwak is, kunnen virussen en bacteriën infecties veroorzaken waar ze dat bij gezonde personen niet kunnen.

Hierdoor kan het voorkomen dat mensen met aids door een simpel verkoudheidsvirus al overlijden. Het verkoudheidsvirus zorgt voor een veel zwaardere infectie dan bij gezonde mensen het geval is.

Ondanks de vele inspanningen die gedaan worden, kunnen een hiv-besmetting en aids nog altijd niet genezen worden.

 

3. De symptomen van HIV en aids

De diagnose aids kan pas worden gesteld bij een combinatie aan symptomen en de aanwezigheid van het hiv-virus in het bloed. Wel zijn de symptomen op zichzelf al een vrij duidelijke aanwijzing voor aids.

Bij aids is het immuunsysteem van de patiënt zeer sterk verzwakt. Het gevolg hiervan is, dat de patiënt erg snel ziek wordt. Ook normaal gesproken onschuldige aandoeningen kunnen iemand met aids ernstig ziek maken.

Het lichaam heeft de kracht niet meer om de infectie in de kiem te smoren, met alle gevolgen van dien.

Aids zelf heeft geen duidelijke symptomen die kunnen worden opgemerkt zonder een bloedonderzoek. Door een HIV-infectie wordt het immuunsysteem plat gelegd. We spreken van aids wanneer het aantal T-helpercellen per milliliter bloed onder de 200 ligt.

Het HIV-virus legt het immuunsysteem op termijn compleet plat.

Misschien vraag je je af: wat doen deze T-helpercellen dan dat ze zo belangrijk zijn?

T-helpercellen zijn een belangrijk onderdeel van het immuunsysteem. Ze vechten tegen infecties en vormen een geheugen van je afweer, zodat je bijvoorbeeld niet twee keer van hetzelfde virus ziek kan worden. Het HIV-virus legt het immuunsysteem op termijn compleet plat.

Als gevolg van het lamgelegde immuunsysteem kunnen veel andere infecties optreden, die een gezond persoon meestal niet zal krijgen. Deze oppertunistische infecties zijn een belangrijk symptoom van aids.

4. Symptomen van een HIV-infectie

Aids is pas het allerlaatste, meest ernstige stadium van een HIV-infectie. Vaak treedt aids pas jaren na de infectie met HIV zelf op.

Niet iedereen krijgt te maken met symptomen na een besmetting met het virus. Het overgrote deel, 80 tot 90% van de geïnfecteerden, (gelukkig) wel.

Wanneer de infectie vroeg wordt vastgesteld, kan er direct worden gestart met de behandeling. Hierdoor kan de infectie zo goed mogelijk worden geremd en het aidsstadium worden uitgesteld.

De meeste mensen krijgen binnen twee tot vier weken na infectie last van de zogenaamde conversiegriep. Dit is een korte, heftige griep als gevolg van de infectie.

Symptomen van de conversiegriep zijn onder andere: koorts, nachtelijk transpireren, vermoeidheid, hoofdpijn, gewichtsverlies, huiduitslag, misselijkheid met eventueel braken, diarree en gezwollen lymfeklieren, vooral in de hals.

Het probleem met de conversiegriep is dat deze slechts van korte duur is. Na enkele dagen verdwijnen de symptomen. Veel mensen bezoeken dan ook niet de huisarts, omdat zij niet de link leggen met een mogelijke HIV-infectie.

5. De overdracht van het HIV-virus

Waarschijnlijk vraag je je nu af: hoe wordt het HIV-virus overgedragen?

Het HIV-virus kan op verschillende wijzes worden overgedragen, namelijk via verschillende slijmvliezen en bij direct contact met bloed.

De meest beruchte wijze van overdracht is seksueel contact. Het virus is in hoge mate aanwezig in vaginaal vocht, voorvocht en in mindere mate sperma en etter.

Daarnaast is het virus in zeer hoge mate aanwezig in het bloed (ook menstruatiebloed). Wanneer dit in aanraking komt met slijmvliezen kan er besmetting optreden.

Onder andere de slijmvliezen van de schaamlippen, baarmoederhals, vagina, eikel, urinebuis, anus, keel, darm, mond en oog zijn in meer of mindere mate gevoelig voor besmetting. Slijmvliezen bij de geslachtsorganen en anus zijn het meest kwetsbaar voor besmetting.

Kansen op overdracht van HIV-virus

In tegenstelling tot wat vaak gedacht wordt, zal seksueel contact met een geïnfecteerd persoon niet per definitie leiden tot besmetting.

De kans op besmetting bij seksueel contact ligt onder de 1% bij vaginaal of oraal contact, tot maximaal 3% bij anale seks.

Hoewel dit lager ligt dan vaak wordt aangenomen, schuilt hierin een groot risico. Sommigen zullen door dit lage percentage het risico nemen, terwijl een 1% kans alsnog relatief hoog is. Zeker wanneer de gevolgen de rest van het leven veranderen.

Daarom moet er ten alle tijden worden gezorgd voor veilige seks. De gevolgen van een besmetting zijn zeer groot en onomkeerbaar.

De kans op besmetting bij gebruik van een besmette naald is ongeveer gelijk aan de kans bij seks, iets lager dan 1%. De kans op besmetting bij een bloedtransfusie met vervuild bloed is aanzienlijk hoger, 90%. De kans van overdracht van het virus van moeder op kind is bij de geboorte 25%, ook erg hoog dus.

Ondanks de ogenschijnlijk lage kans op overdracht bij seksueel contact, moet benadrukt worden dat deze kans alsnog veel te hoog is om een risico te nemen. De gevolgen van een HIV-besmetting zijn zeer ernstig. Vrij altijd veilig om besmetting te voorkomen.

Ondanks de ogenschijnlijk lage kans op overdracht bij seksueel contact, moet benadrukt worden dat deze kans alsnog veel te hoog is om een risico te nemen.

6. Het verloop van AIDS

Een HIV-besmetting zal uiteindelijk leiden tot de dood. Dit proces is echter zeer langzaam. Zelfs zonder behandeling kan het jaren duren voor het aidsstadium wordt bereikt, waarna de dood volgt.

Op de afbeelding hiernaast (klik voor groter) is het gemiddelde verloop van de ziekte te zien zonder behandeling.

De infectie begint met een korte piek van het virus (rood). In deze fase krijgen de meeste patiënten last van een kortstondige, hevige griep, ook wel de conversiegriep genoemd.

Na de conversiegriep treedt een a-symptotische periode op. In deze periode heeft de geïnfecteerde geen symptomen meer en houdt het virus zich redelijk rustig. Deze kan 2 tot meer dan 10 jaar duren.

Vervolgens begint het virus zich actief te vermeerderen en het immuunsysteem plat te leggen. De blauwe lijn geeft de hoeveelheid aanwezige witte bloedcellen aan, die langzaam afneemt.

In eerste instantie zijn de symptomen vergelijkbaar met de griepverschijnselen net na de infectie. Later treden opportunistische infecties op. Wanneer deze optreden zit de patiënt in het aidsstadium. De symptomen van aids staan hierboven beschreven.

7. Behandeling en verloop HIV-besmetting/aids

Helaas is AIDS 30 jaar na ontdekking nog niet te genezen. Wel zijn we met de huidige kennis zo ver, dat met de juist behandeling de infectie sterk geremd kan worden.

Hierdoor kan, zeker bij vroege ontdekking, de levensduur aanzienlijk verlengd worden en de levenskwaliteit verbeterd worden.

Aids behandelen met medicijnen

Medicijnen die worden voorgeschreven bij een HIV-infectie zijn er altijd op gericht het virus te remmen. Er worden altijd meerdere HIV-remmers tegelijkertijd voorgeschreven.

Tegenwoordig zijn er inmiddels veel HIV-remmers ontwikkeld. Deze worden voorgeschreven in een cocktail voor een optimale werking.

Deze therapie van meerdere medicijnen tegelijk wordt HAART genoemd: Highly Active AntiRetroviralTherapy.

Medicijnen genezen niet, maar remmen progressie naar aids en verkleinen de kans op overlijden.

Wat zijn de moderne behandelmethoden om dit te doen?

Met de zogenaamde aids-remmers, ook wel antiretroviral medicine genoemd, wordt dit bewerkstelligd. Deze medicijnen remmen de groei van het HIV-virus en stellen op deze manier de ontwikkeling van aids uit.

Wel is de behandeling vrij ingrijpend.

Iedere dag moeten meerdere medicijnen worden ingenomen en ook moet er vaak worden bijgevoed om de patiënt op gewicht te houden.

Bijwerkingen van HIV-remmers

Een nadeel aan de HIV-remmers zijn de vrij zware bijwerkingen die kunnen optreden.

In de meeste landen wordt behandeling daarom pas gestart wanneer het aantal T-helpercellen onder een bepaald niveau gedaald is. Boven deze waarde wegen de voordelen van behandeling niet op tegen de nadelen die bijwerkingen kunnen veroorzaken.

In de praktijk wordt de diagnose HIV-infectie overigens vaak pas gesteld nadat het aantal T-helpercellen onder deze waarde is gezakt.

Bijwerkingen van HIV-remmers zijn onder andere diarree, verlies van onderhuids vet (waaronder het goede vet), diabetes, een disbalans van verschillende vetten in het lichaam en een verhoogde kans op hart- en vaatziekten.

Hierdoor kan, zeker bij vroege ontdekking, de levensduur aanzienlijk verlengd worden en de levenskwaliteit verbeterd worden.

Een nadeel aan de HIV-remmers zijn de vrij zware bijwerkingen die kunnen optreden.

8. HIV-besmetting voorkomen

Een HIV-besmetting en het daaropvolgende aids is nog altijd niet te genezen. We kunnen de infectie afremmen, maar niet stoppen.

Daarom is voorkomen dan ook nog altijd het belangrijkste doel in de huidige aidsbestrijding.

Onveilig seksueel contact en HIV-besmettingen

Aids valt onder de categorie SOA’s, omdat het virus dat zorgt voor aids seksueel overdraagbaar is.

Door veilige seks te hebben kan besmetting voorkomen worden. Niet alleen bij vaginale of anale seks, ook bij orale seks is er een kans op besmetting, zij het een erg kleine.

Het is belangrijk altijd een condoom te gebruiken om SOA’s zoals HIV te voorkomen. Laat je niet meeslepen in het moment, maar wees altijd verstandig. Heb je geen condooms, heb dan ook geen seks. Dat is jammer op dat moment, maar wanneer je HIV oploopt door een keer het risico te nemen, heb je eeuwig spijt.

De gevolgen van HIV zijn heftig en onomkeerbaar. Wees daarom verstandig en voorkom aids.

De meeste besmettingen met HIV vinden plaats door seksueel contact.

In feite is besmetting dan ook makkelijk te voorkomen: veilig vrijen. Juist gebruik van een condoom verkleint de kans op besmetting met HIV tot vrijwel 0%.

Wanneer je HIV oploopt door een keer het risico te nemen, heb je eeuwig spijt

Bloedtransfusies en besmette naalden

Vooral in Derde Wereld-landen komt het nog wel eens voor dat er bloedtransfusies plaatsvinden met HIV-besmet bloed. In het Westen komt dit eigenlijk nooit meer voor.

Besmette naalden zijn een prominente oorzaak van besmetting met het hiv-virus.

Besmette naalden zijn een prominente oorzaak van besmetting met het hiv-virus.

Onder drugsverslaafden komt overdracht van het HIV-virus nog wel voor door gebruik van besmette naalden. Sommige verslaafden gebruiken naalden die al eerder door anderen zijn gebruikt om heroïne of andere drugs te injecteren. Hiermee loopt men het risico ziektes of syndromen op te lopen.

Ben je aan drugs verslaafd en gebruik je hiervoor naalden, zorg dan altijd dat je nieuwe, steriele naalden gebruikt. Zoek hulp om van je verslaving af te komen en neem nooit risico’s waarmee je je gezondheid op het spel zet.

Een HIV-besmetting wordt vaak afgedaan als een probleem uit de Derde Wereld, maar niets is minder waard.

Niet alleen in de Derde Wereld, ook in Nederland vinden er jaarlijks nog vele besmettingen plaats. In heel veel gevallen had deze besmetting voorkomen kunnen worden door veilig seks te hebben of gebruik te maken van steriele naalden.

tags

Syndroom - Aids - Fibromyalgie - Behandeling - Symptomen - Aandoening - Down - Tourette- Tietze - Hiv - Pijn - Syndromen - Behandelen - Kenmerken - Spierreuma - Vitamine B12 - Reuma - Asperger - Cushing - Autisme - Fibromyalgie test